zondag, augustus 27, 2006

Autofabel


Sinds tijden weer eens naar de film geweest. Met de twee aanwezige kinderen bezochten we 'Cars'. Sjaak had er vooraf zijn twijfels over. De zoveelste animatiefilm, die doorgaans veel animatie (het gaat vooral om de effecten) in zich heeft en weinig film (dunne verhaaltjes). De 34 voorfilmpjes van 'verwachte' films versterkten dit voorgevoel. Geen van de aangekondigde films gaf mij het gevoel: 'die moet ik zien'. Behalve dan de verfilming van Kruistocht in Spijkerbroek waar ik al eerder over schreef. Maar na enkle minuten was ik al 'om'. De animatie was prachtig, het verhaal pakkend en er was zowaar een boodschap in verpakt. De wereld bestond uit voornamelijk auto's die menselijke vormen aannamen. Vroeger leerde ik dat als dieren in een verhaal menselijke trekken krijgen er sprake is van een fabel. Deze autofabel had veel verwijzingen naar het echte Amerika. Volgens Leon de Winter hoef je niet ergens geweest te zijn om er een oordeel over te hebben, maar in dit geval hebben 3 Amerikareizen wel enig fundament gelegd onder deze constatering. Amerika, het land van de auto, waar de auto het leven bepaalt en je identiteit geeft. In de film wordt dit mooi neergezet, het verschil tussen auto en mens vervaagt. Er werden leuke grapjes gemaakt, zoals bijvoorbeeld een paradie op de zelfingenomen Jay Leno, die voorbijschoot en de duo-commentatorcultuur bij de verslaggeveing van sportwedstrijden daar. Verder had de licht-sentimentele heimwee naar vroeger tijden toen men nog rustig reisde van Oost naar West vv. over de Route 66 en van het geweldige landschap genoot, veel zeggingskracht. Sjaak reed ook stukjes Route 66 en dat was een schril contrast met de highways en interstate richting LA. De hoofpersoon, eh hoofdauto, in de film is een racemonster dat aanvankelijk genoeg aan zichzelf heeft. Door een aantal toevalligheden wordt hij op zijn plek gezet en leert hij dat hij het niet allemaal zelf kan. De cynicus zegt dan: oppervlakkig, typisch Amerikaans, conservatief en zoetzappig, maar Sjaak deerde het niet eens. Die genoot er van, wellicht nog meer dan het aanwezige kindervolk.

Voor wie een voor- dan wel naproefje wil. De trailer in het Nederlands of in de originele versie.

Vakantieangst


Sjaak was als kind niet echt dapper uitgevallen. Tijdens vakanties, en dan vooral in wespenmaand augustus, waren er twee zaken die hem van slag konden brengen: wespen en onweer. De angst voor steken of inslagen, de angels en stroom dus, kon veel plezier verzieken. Tijdens onweer wenste de Sjaak-in-wording doof en blind te zijn en wespen hielden hem van terrassen, de tuin, buiten spelen en een rustige maaltijd af. Dezelfde focus zie ik bij mijn kinderen, vooral zoonlief kopieert zijn vader. Als volwassene heb je de taak om geruststellende uitspraken te doen hierover. Wespen vallen je niet zomaar aan, dus laat ze vooral met rust en maak ze niet kwaad. Bliksem is vooral mooi. Het slaat wel in, maar zoekt het hoogste punt en dat zijn wij niet. En Sjaak heeft twee keer (in Limburg en Zimbabwe) op minder dan 50 meter afstand bliksem zien (en vooral horen) inslaan en dat is ook goed afgelopen. Kortom: het leed is -zoals zo vaak- vooral gelegen in het vrezen en niet in de ervaring zelf.

Sinds twee gebeurtenissen van deze week wankelt het vertrouwen van Sjaak. De wespenaanval op hardlopers en de blikseminslag tijdens een begrafenis die twee doden veroorzaakt (o ironie), hebben toch aan het denken gezet. Hoe veilig zijn we eigenlijk, want het kán dus echt fout gaan. Wegredeneren, denken dat het toch al niet vaak gebeurt en de kans dus nóg kleiner wordt. Zoals Garp in zijn film doet als een vliegtuig op het huis dat hij wil gaan kopen neerstort en hij om die reden het huis koopt, omdat het niet waarschijnlijk is dat dit zich zal herhalen. Een scène die niet in het boek voorkomt trouwens en die ook niets zegt omdat het allemaal om waarschijnlijkheid en kansen gaat en niet over de feitelijke situatie. Maar ja een lot met nummer 123456789 wil nu eenmaal niemand hebben want dat zal nooit het winnende nummer zijn. En dus is de emotie die de bliksem en wespen veroorzaken terecht. Wie weet zijn de volgende keer de wespen wel het hoogste punt, dat scheelt weer.

zaterdag, augustus 26, 2006

Hemeltje lief


Pluto is geen planeet (meer). Och jee, hemeltje lief, wat een ramp.. Scepsis maakte zich van Sjaak meester. Leeker belangrijk om daar met 2500 man en vrouw over te vergaderen. Zijn er geen belangrijker zaken om je mee bezig te houden? Goed voor de boekenindustrie die alle boeken en wetenschappelijke platen/posters mag gaan herzien. Wat maakt het nou uit of iets een ijsklomp, een astroïde of een planeet is. Maar diezelfde avond zag Sjaak deels de film Contact. Een wat vage film -naar het einde nadert zeker-, maar als Jodie Foster erin speelt kan het nooit een echt slechte film zijn. En dat is het ook niet. Jodie vangt geluidssignalen uit de ruimte op en uiteindelijk legt ze contact met buitenaards leven. Dat geeft haar een grote innerlijke rust. Tussendoor gebeurt er van alles. De precieze plot en scope van de film zijn me niet duidelijk geworden omdat ik de film maar half zag, maar het besef dat we maar een vlekje zijn wordt dan maar weer eens duidelijk. En dus is het terecht dat we belang hechten aan een goede definitie van wat zich om ons heen bevindt. Mochten we ooit buren ontdekken, dan kunnen we maar beter weten waar ze vandaan komen.

Dochtersdates


De VdH zit met de oudste in Barcelona. Een date van maar liefst vijf dagen ter gelegenheid van het beëindigde pré-middelbare schooltijdperk. Sjaak stond weer een paar dagen geheel op eigen benen, maar sinds gisteren zijn eigen dochter en zoon weer in huis. De ochtend was voor de zoon bij het voetbal. De middag had die een kinderfeestje, dus het was daarna dochtertijd. Die verkoos eerst nog een vriendinnetje maar had daarna wel een eetafspraak met haar vader staan. Ooit maakten we in haar kleutertijd voor een middag een 'speelafspraakje', iets dat ze doodserieus meedeelde tijdens de 'afspraakjesbeurs', die na het uitgaan van elke school door de kinderen gehouden wordt. Geen tijd voor de destijds verbijsterde leeftijdsgenootjes. Nu gingen we naar ons eigen buurteetcafé, Perron Oost. Ideale gelegenheid, want: én informeel én smakelijk én betaalbaar én vriendelijk én 'SamSam'. Dat houdt in dat je dezelfde gerechten van de echte kaart in halve porties kunt krijgen. Minder van meer dus, want zo kun je nog eens wat extra's bestellen. Dochter koos voor een warme appel met geitenkaas vooraf; Sjaak zelf voor twee salades. Hoofdgercht was voor dochter de kaasfondue, Sjaak nam de entrecôte. Dit alles na een gezamenlijke beschouwing van de kaart en een weloverwogen keuze. Als een volleerde tafeldame hield ze gezelschap, gerechtjes delend, keuvelend, mensen-kijkend /becommentariërend én genietend van het eten. Tien jaar en dan al gewoon eten van de kaart. Al gevoel voor het speciale dat uit-eten kan hebben. Wat is het toch soms genieten van ogenschijnlijk kleine dingen. Zoon keerde even later terug van een geslaagd feestje en meldde trots dat hij een biefstuk naar binnen had gewerkt met nog maar eens extra frietjes. Dat belette hem en enkele van zijn vriendjes ook niet om nog eens een dame blanche te nemen. Kortom: een culinair dagje dat werd besloten met nog twee uurtjes gezelligheid op het buurtfeest.

donderdag, augustus 24, 2006

Bergen en stapels


Postvakantiegevoel staat naast een boel melancholie naar de -weer ingeleverde vrijheid- voor Sjaak synoniem voor stapels. De door de buren zo netjes geordende stapeltjes post bij thuiskomst, de hoeveelheid te tekenen facturen op het werk, het meestal gemailde leeswerk dat al door Samira zo lief is uitgeprint. Sjaak vind het eigenlijk allemaal best, heeft doorgaans best zin om te beginnen, en het gevoel van met een schone lei doemt zich op. Weer tijd voor de klusjes in huis, weer in je eigen bed slapen, je vertrouwde werkplekje en dergelijke. Alles is nieuw, voornemens, schone schriften, schone agenda. Nette stapels.

Maar na een dag of twee, drie, als met iedereen is bijgepraat en het excuus ‘ben ik nog niet aan toegekomen, cq ‘heb ik nog niet gezien, ben nog maar net weer begonnen’ is de euforie voorbij. Ineens word je weer geconfronteerd met de klusjes die je juist zo fijn had doorgeschoven voor na de vakantie. Mijn bureau ligt weer vol gelezen en ongelezen zooi. De takenlijst is weer groeter geworden, maar niet alleen met míjn prioriteiten helaas. Het is net als met sneeuw. Als het valt is het prachtig en de eerste uren geniet je ervan, maar na een dag is een deel al drap geworden en daarna ben je het al snel zat. Stapels lijken bergen te worden. Om tegen op te zien. Maar dan blijkt het na ruim een week wel weer mee te vallen. Toen iemand me vroeg wanneer weer begonnen was zei ik spontaan 'anderhalve week geleden'. Dat is dus pas vier dagen. De bergen vallen dus al weer mee.

dinsdag, augustus 22, 2006

Spirituele chantage



Sjaak ontving van een vriend een document met de volgende toelichting

Deze Tantra komt uit Noord India. Of je nu bijgelovig bent of niet, neem enkele minuten om het te lezen, ok En ? Het bevat enkele boodschappen die goed zijn voor de ziel. Het is een Totem Tantra die geluk brengt. Deze totem Tantra die je is gestuurd is al minstens tien keer om de wereld gegaan.

Bewaar deze boodschap niet.
De TOTEM TANTRA moet binnen 96 uur uit je handen zijn. Stuur enkele kopieën en let op wat je in de komende vier dagen overkomt. Dat is de waarheid, zelfs als je niet bijgelovig bent.

Nu de rest...
stuur deze boodschap aan:
- nul tot vier personen: je leven zal zich aanzienlijk verbeteren;
- vijf tot negen personen: je leven verbetert en je verwachtingen komen uit;
- negen tot veertien per... etc. etc. etc. etc.


Bang. Daar was er weer één. In mijn post Advanced-tijd kreeg ik ze eerst dagelijks, toen wekelijks en daarna nog maar sporadisch. Soms stuurt Moeders nog iets van dien aard door, liefst met de hele lijst van het gehele persoonlijke emailadresbestand erbij zodat je bekendheid verder toeneemt. Leve de spam die daarop volgt.

Al dit soort berichten hebben dezelfde opbouw. Een spiritueelachtig verhaal dat je moet lezen en naarmate je het vaker doorstuurt toenemend geluk in het vooruitzicht stellend. Soms wordt de hel voorspeld als je niks doet, of een subtieler vorm van chantage gehanteerd door te suggereren dat je een ander niets gunt en je dat nog duur kan komen te staan. Altijd instructies, altijd zachte dwang, altijd inspelen op onzekerheden van mensen. Kettingbrieven verscheurt Sjaak stelselmatig, telemarketeers kunnen op scheldkannonades rekenen, maar dit soort mailings maakt me eigenlijk nog het razendst. Waarom elkaar niet gewoon iets toewensen? En het daarbij laten. Waarom condities, waarom dat gepush? Waarom mensen verplichten om elkaar cursussen aan te smeren, enrollen in jargon?. Het antwoord is waarschijnlijk te voorspelbaar (en banaal) voor woorden. De Engelsen noemen het zo mooi: greed. Laten ze voortaan afsluiten met greedings, dan is duidelijk waar het echt om gaat.

woensdag, juli 26, 2006

'Daar gaan wij uitkomen'

Op het werk speelt op dit moment een conflict dat vanwege zijn onbenulligheid de moeite van het uitleggen niet waard is, maar dat is doorgaans het kenmerk van conflicten. In de mengbeker van de langdurige hitte, komkommertijd, grote Ego's en gierende hormonen van al dat schaarsgeklede schoons in de straten, wil het wel. Mailtjes, die met bakken ge-cc't en ge-bcc't worden, telefoontjes, beraden, notities, spoedoverleggen en wat niet meer. Het is zelfs nu op het niveau van de Echte Directeuren gebracht, want deze week hoorde Sjaak van zijn baas dat hij weliswaar in naam directeur is, maar de gebruikelijke regelingen niet van toepassing zijn, omdat hij te laag is ingeschaald. Als dát het probleem is.... Gelukkig is Coef! wél een Echte Directeur (dit dat ook belachelijk vindt en mij wel voor vol aanziet en waar ik een prima co-ouderschap over de organisatie mee heb) dus hij mag aanschuiven want hij beschikt godzijdank over de juiste diploma's. Maar terzake: alles in het conflict is een schoolvoorbeeld van miscommunicatie, verkeerd uitgelegde bedoelingen, beelden die niet met elkaar worden gedeeld en onuitgesproken verwachtingen. Kortom: escalatie is dan zo bereikt. Sjaak kan er een artikel over schrijven, wellicht is communicatiegoeroe nog wel haalbaar.

In een poging om de boel naar normale proporties te brengen, had Sjaak gereageerd op een mail die naar 'tout le monde' was gestuurd over het onderwerp. Sjaak deed netjes uit de doeken wat ons standpunt was, werd niet zo boos als de week ervoor toe het begon te spelen, en gaf aan dat het hem verstandig leek om eens rustig daarover te praten na onze vakanties. Per ommegaande een reactie terug, trouwens van ook een Echte Directeur - en een ook nog eens een aardige man-, die Sjaak's punten behoorlijk omzeilde, niet echt blijk gaf van inlevingsvermorgen in onze kant van het verhaal en desondanks tóch concludeerde 'dat wij daar gaan uitkomen'. Sjaak vindt het altijd fijn als mensen dat zo zeker weten. Dat mensen hem zo goed kennen -beter dan hij zichzelf kent-, dat ze weten dat hij redelijk blijft en bereid is compromissen te sluiten. Of ze zijn bereid Sjaak volledig tegemoet te komen maar willen dat eigenlijk nog als een verrassing houden tot het moment van de ontmoeting daar is. Dat mensen zoveel kennis en ervaring hebben om dat goed in te kunnen schatten is in dit soort situaties een uitkomst!

Vakantiewerk


De afgelopen weken werd het zelfs Sjaak, toch een liefhebber van 30+ dagen, te veel. De aanhoudende warmte werd op het werk een probleem. Na twee uur 's middags nam de puf zienderogen af en kon Sjaak eigenlijk zich alleen nog maar concentreren op de Tour. Ook de medewerkers klaagden over de lastige omstandigheden, temeer omdat de airco in de serverruimte was gecrasht en de systeembeheerder 60 graden Celsius meette en deze warmte ergens heen moest. Vorige week nam ik daarom een Besluit: de invoering van het tropenrooster. Vroeger hadden we dat bij juf de Blok in de vierde klas. Om 8 uur beginnen, geen pauze en om 13 uur naar huis. Sjaak zat om 6.45 achter zijn bureau, was al eerste in het pand en had al bijna 3 uurtjes lekker gewerkt toe iedereen binnen was. Geen lunch, alleen een kopje soep, maar toen was het nekkie er ook wel af. Tegen half 3 naar huis en daar ingekakt en de Tour gekeken. Maar ja, die is nu voorbij en wat dan? De tropentijden schoven de afgelopen dagen toch weer meer naar de standaard '9 tot 5'-zône. We zijn nu eenmaal niet geschikt voor meditteraan werken.

Want dat dacht ik toch vaak op vakantie in Frankrijk. Als wij nu eens zo'n klimaat hadden. Leek me heerlijk: vroeg naar het nog koele werk. Om 12 uur aftaaien (Fransen laten daadwerkelijk álles uit hun handen flikkeren) en tegen een uur of 3 weer eens na een rijke lunch en een dutje nog tot begin van de avond doorgaan. Nog wat lichts eten, een espressotje, wijntje, cognacje, terrasje en dan tegen middernacht eens je bed in. Het ontbrak Sjaak aan goesting om zo te gaan werken, je zit toch nog te veel gevangen in je normale patroon. Vandaag de laatste werkdag, die zo lang gaat duren als nodig is. Daarna vakantie en dan kijken naar de mensen die het wel kunnen.

dinsdag, juli 25, 2006

Always Apple


Na Internet, en dan het WWW, is de IPod de beste uitvinding op ICT gebied van de laatste 50 jaar. Ok, echt revolutionair is het allemaal niet als je net een 5e! generatie Ipod hebt gekocht, maar in huis veroorzaakt de kleine rakker al voor veel vreugde. Nog zonder speciale opties voor de vrouw die echt opgewonden wil raken, maar verder kan hij heel veel. De VdH loopt stelselmatig nu met het wondertje in haar jurkzakken en geniet van alle muziek die we alvast maar getankt hebben bij een gemeenschappelijke vriend die heel veel op dat vlak heeft. Het is allemaal al geschreven: ander paradigma voor opslag van muziek, altijd je informatie bij je etc. etc. Wat nog niet is geschreven is dat Sjaak euforisch is over zijn eerste Apple. Wat een strakke vormgeving, wat een gebruikersgemak, wat een juiste selectie in functies. Want de IPod kan precies wat je zou willen en verder niet al te veel. In de beperking toont zich de meester zeggen ze in Duitsland. Sjaak en de VdH zijn toe aan een nieuwe PC en dat zou zo maar een Appeltje kunnen worden...

maandag, juli 24, 2006

Partir c'est...


Telkens als de renners in de Tour aan de laatste etappe van de Tour beginnen is deze voor Sjaak eigenlijk al voorbij. De Tour eindigt weliswaar op de Champs-Élysées, maar hoort eigenlijk gewoon op een Rue des Bois in pakweg Pont l'Eveqûe, de Place de la République in Colmar of op de Col du Glandon in de Alpen. In Parijs zijn de prijzen verdeeld, wordt 'leuk gedaan' door de renners en is het wachten op volgend jaar. De sjieke boulevard past dan niet: de Tour is fini. De tweede helft van het jaar kan beginnen, de helft dat het na de wespen van augustus, systematisch eerder donker wordt, de blaadjes gaan vallen en zich op enig moment weer de 'feestdagen' aandienen. Tegen die tijd zijn we weer drukker met de rondetijden van de schaatsers en komen we ook daar weer Amerikanen tegen. Kortom: het einde van de Tour is het startsein voor het verval en pas na Parijs-Nice Milaan - San Remo in maart bloeit alles weer een beetje op. De prestigieuze eindsprint kan me dan ook gestolen worden, er is toch vooral aandacht voor de winnaar. In 1989 was er een uitzondering toe Lemond de Tour daar won. Sjaak was toen in extase maar betreurt 17 jaar later dat Fignon toen verloor. De laffe manier waarop Lemond toen won lijkt op het eerste gezicht op die van Landis. Iedereen vergelijkt Landis met Armstrong, maar ik vind een vergelijking met Greg Lemond meer op zijn plaats. Aanklampen in de bergen, anderen laten werken, een zwakke ploeg om je heen, en in de tijdrit de winst pakken. En zonder La Toussière en Morzine zou dat ook dit keer het geval zijn geweest. Maar Lemond zakte niet zo door het ijs dat jaar. Evenmin viel hij heroïsch aan als Landis, die op de Aravis en Colombière weliswaar 9 minuten mocht krijgen maar op de Joux Plane er op bijna iedereen minimaal nog 1 extra pakte. 'Niet gestolen' heet dat dan tegenwoordig, maar indrukwekkend was het wel. Maar hoe boeiend ook, het gebrek aan uitstraling bij alle top 10 renners is voor mij toch het belangrijkste wat mij is bijgebleven. Uitgezonderd Pereiro (2) die weliswaar wegblijven mocht, maar wel met dik 46 km/h gemiddeld in de bakoven dat halve uur pakte. Wat een kleurloos type die Klöden (3), Sastre (4) viel altijd te laat aan om echt verschillen te maken. Evans (5): wie is dat? Wie wordt er opgewonden van Menchov (6)? Dessel (7) is een eendagsvlieg. Moreau (8) al jaren 'net niet' en wie Zubeldia (9) heeft opgemerkt mag zijn vinger opsteken. Rogers (10) deed zijn best voor Klöden maar kan maar beter weer wereldkampioen tijdrijden ergens in oktober worden. Het zorgt ervoor dat deze Tour uiteindelijk opvallend snel vergeten zal worden.

Klussen met Kees


Hoewel het nog steeds behoorlijk heet was de afgelopen dagen, hebben de VdH en Sjaak toch behoorlijk kunnen klussen in huis. 'Meters maken' noemt een aantal IT-collega's dat dan. Tijdens het klussen kijkt Kees over mijn schouder heen, net als Tim Krabbé het gevoel had dat Fausto Coppi met hem meelas als hij schreef. Kees is tweeënhalf jaar geleden overleden en was een van Sjaak's beste vrienden. Het leeftijdsverschil van bijna 20 jaar en het feit dat Sjaak lange tijd zijn 'baas' was stond dat alles niet in de weg. Kees was door Sjaak weggehaald bij een ICT-club waar hij zat te verpieteren en kwam bij onze enthousiaste organisatie tot leven. De jaren ervoor hadden we contact gehouden nadat we elkaar bij een andere projectenclub hadden leren kennen en Kees nog Cor heette.

Kees ving Sjaak op na zijn scheiding. Letterlijk want na de vrije val die dat veroorzaakte stelde hij zijn -weliswaar ondergehuurde- huisje ter beschikking zodat Sjaak niet op het station hoefde te slapen. Kees luisterde veel, net als zijn partner Edith, huilde mee, maar beurde hem ook op en relativeerde het allemaal, wijs geworden van meerdere scheidingen waartoe hij het telkens zelf initiatief had genomen en de vele verre reizen die low budget werde uitgevoerd en veel creativiteit vergden. Kees logeerde, met Edith en zijn kinderen een aantal malen tijdens de vakantie in het oude huis van Sjaak en daardoor werd het ook een beetje zijn huis. Vooral omdat ook daar Kees deed wat de rode draad was in de 12-jarige periode dat zij elkaar kenden: klussen.

Het begon ooit met een kapotte wasmachine, waar het vervangen van de schokbreker soelaas geboden zou moeten hebben maar de incidentele en acceptabele tik veranderde in een woest geratel tijden het centrifugeren. Het gewenste resultaat bleef weliswaar uit, maar een vriendschap was geboren. Daarna werd menig' elektra- op ophangklusje gedaan. Kees installeerde de Velux-gordijnen toen dat nog niet gebruikersvriendelijk was. Kees bouwde het bed voor de jongste zoon, Fenzemans, schilderde de muren over en leerde Sjaak hoe je moest zagen, lijmen, je voorbereiden op het klussen en vooral boren ('eerst een kleiner gaatje boren, daarna de grotere boor gebruiken'). Klussen werden opgespaard totdat 'Kees kwam'. Het ging niet vanzelf, Kees raakte snel geïrriteerd als het niet lukte. Het was dan ook een serieuze zaak dat klussen. Dat kwam omdat het Kees altijd met de neus op de feiten drukte dat zijn roots in een groot, rooms, Utrechts arbeidersgezin lagen. Met met je handen werken was niks mis en zijn arbeidsethos was daar gevormd, net als zijn behoefte aan 'een baas'. Kees trok die lijn door in zijn werk, waar het bestuurlijke circuit hem niet lag en zijn hart uitging naar de werkvloer. Daar bloeide hij op; persoonlijk contact, een grapje op zijn tijd, een flirt links en rechts en de instructies vooral praktisch houden. Kees had een duidelijke rol verworven in onze organisatie.

Ruim drie jaar terug had hij last van zijn rug en een maand later werd de diagnose 'Ziekte van Kahler' gesteld. Een leukamie-alike ziekte die hij fel te lijf ging. Even leek hij het te gaan halen maar binnen een jaar moest hij de strijd staken. Hij liet bij Edith, zijn kinderen, zijn familie en vrienden een fors gat achter. Sindsdien denkt Sjaak dagelijks nog aan Kees. Als hij in de vergaderzaal in ons pand, die zijn naam draagt, staat, als hij langs de Molenstraat rijdt, als er contact is met Edith, maar vooral tijdens het klussen. Kees is er nog steeds bij.

woensdag, juli 19, 2006

Vet zucht


Als het de warmste dag ooit in het midden van het land is ga je gezellig naar IKEA. De hoogslaper van middelste dochter moet weer in elkaar en de verhuizers hebben het beslag weggetoverd. De onderdelen stonden bija een half jaar in de schuur en Sjaak sjouwde ze zondag jl. naar de juiste slaapkamer. Helaas, de schroeven en moeren waren er niet dus nog even in de wachtstand. Om eea nog voor de vakantie in orde te maken moest ik dus naar de klantenservice bij 'onze IKEA', die ook 'jouw IKEA'is natuurlijk, op de Woonboulevard.

Enfin: sta ik in een buitengwoon goed humeur sammen met de vriendelijke klantenservicebaliedam te puzzelen hoe de VRADAL weer kan worden gemonteerd, speelt zich een verbijsterend tafereeltje naast me af. Een man met een forse bierbuik staat met zijn nogal stevig uitgevoerde vrouw te reclameren. Allemaal heel rustig en geduldig terwijl de jongen achter de balie duidelijk pas zijn eerste dag bezig was. Het duurde dus wel een minuut of 5. Allemaal nog niet schokkend, maar als je bedenkt dat hun zoontje, van nog geen tien jaar, maar desondanks al goed voor minimaal 80 kg schoon aan de haak, eerst een softijsje mocht gaan kopen. Eenmaal terug was het snel weggetikt. Even weer een minuutje bijkomen. Vervolgens geld mee voor een forse Colabeker. Uiteraard niet Light, wel snel door de keel. Hij zal nu wel toch wel even rustig zijn. Terwijl ik mij in de inmiddels uitgezochte onderdelen van de IKEA-mevrouw verdiepte, zag ik het ventje weer de gang naar de buffeten maken. Nog maar zo'n ijsje, het is zulk mooi weer en je moet er tenslotte nog van groeien. Toen ik afrekende liep het gezinnetje naar de parkeerplaats. Wat zou het worden, de MCDrive of toch maar de snackbar thuis?? We hadden het hem inderdaad beloofd...

Sjaak herinnerde zich van vroeger de stripjes van Billy Turf. Onstilbare honger had hij, maar hij was ook aandoenlijk en grappig. Dit jochie deed me aan hem denken, maar ik werd er ook wel treurig van. Sommige mensen lijnen zich een ongeluk om een paar kilo's kwijt te raken. Anderen eten drie borden en blijven broodmager. Iedereen zit anders in elkaar maar je kind zo mee laten slepen in overconsumptie doet Sjaak diep zuchten.

maandag, juli 17, 2006

De wereld volgens Gap


De Tour is in Gap. Gap staat bij Sjaak voor vakantiegevoel. Gap, de plaats die de overgang tussen de Alpen en Provence markeert. Gap als kruispunt van de Route Napoléon en de weg van Briançon naar het Rhônedal. Een plaats vlakbij het Lac de Serre Ponçon, waar we in 1988 kampeerden en Ini een heroïsche tocht maakte. Waar Sjaak en Doesbrand een jaar later terugkwamen om de tocht van Ini over te doen (Doesbrand) en een tijdrit uit de Tour van 1989 naar Orcières-Merlette na te rijden (Sjaak). Maar Gap is vooral verbonden met de eerste Alpenvakantie van Sjaak in 1983. Met ouders nog, goed voor menig' spannend en beladen moment, kampeerden Doesbrand en Sjaak daar in de buurt. St Crépin heette het plaatsje, en het lag zo'n 40 km van Gap. De verkeersborden verwezen er stelselmatig naar. Gap kreeg daardoor iets magisch, riep een diep verlangen op om ernaar toe te gaan, zoiets als een aantal jaren eerder het plaatsje Havelange in de Ardennen. Het verlangen naar Gap had alles te maken met het boek dat we destijds mee hadden. 'De wereld volgens Garp' van John Irving. Sjaak, die toen nog elk boek dat hij las 'op zijn lijst' kon zetten las die vakantie voor het eerst een boek dat meer was dan een vinkje voor diezelfde lijst. 'Garp' stond voor een wereld vol van passie, extremisme, lust, onbegrip tussen de sexen, bekrompenheid en geweld. Een fantastisch boek dat Sjaak daarna nog zeker 6 keer heeft herlezen, en ook keurig in het Engels. De film was ook prima, maar het boek is zoveel rijker, subtieler en confronterender. De in 1983 nog behoorlijk bleue Sjaak werd die vakantie heel wat wijzer over de wereld. Dankzij Garp. In Gap komt Garp altijd weer even terug.

vrijdag, juli 14, 2006

'Who brought Coors?´

Sjaak was ooit in de Verenigde Staten voor een lange reis. Het was aan het eind van zijn studie en dus was er tijd zat en met de vele student-assistentschappen en het trouw vakkenvullen bij de Appie waren ook de benodigde middelen bijeengeraapt. In Los Angeles zat op dat moment een studievriendin, die daar colleges volgde. Niet een vriendin van het hechtste soort, maar vooraf was ik van harte uitgenodigd om langs te komen. Ik had mijn -ongeveer te verwachten komst- wel aangekondigd maar had geen reactie gekregen. Min of meer op de bonnefooi reed ik met een 'driveaway' van San Francisco naar LA alwaar mijn verschijning lichte paniek veroorzaakte. Duidelijk was dat ik niet zo gewenst was, om mij niet geheel duidelijke redenen overigens. Ik gaf aan wel elders onderdak te zoeken maar dat wilde mijn studievriendin, ook weer niet. Ik kon blijven en al snel bleek dat zij het te druk had met andere zaken, maar dat ik wel mee kon draaien in haar vriendencircuit. Haar 'roommate' vond het wel gezellig geloof ik. Zeker toen bleek dat ik een keurige jongen was, die zelf opruimde, overdag zelf op pad ging om de stad te leren kennen, voor de dames kookte en niet erop uit was om de koffer in te duiken met alles wat aan vrouwelijk schoon voorbij kwam.

 Het studentenclubje van de Geography department van de UCLA was behoorlijk links en vooral politiek correct. Niet naar de maatstaven van Reagan en Bush sr, maar naar die van de uiterste linkervleugel van de Democraten of nog verder naar links. Sjaak, die op de middelbare school door de kakkers uit Kralingen systematisch 'communist' werd genoemd, verbleekte er wat bij. De Hollanditis was in Europa over, maar tierde welig in California. De politieke correctheid kwam tot een hoogtepunt op een geïmproviseerd feestje. Iemand stelde zijn huis ter beschikking, iedereen nam wat te eten en te drinken mee en er werd gedanst en vooral gediscussieerd. Sjaak paste zich aan en nam wat biertjes en wat hapjes mee. Ik had bij een oom van mij Coors gedronken en dat leek me wel OK. Niet dus. Coors schijnt zoiets te zijn als Shell begin jaren '90 en het toppunt van uitbuiting, kapitalisme, kannibalisme en onderdrukking te zijn. Wist ik veel. 


  'Who brougt Coors?', schalde door de ruimte. Iedereen viel stil. Collectieve verontwaardiging. Verbijstering. Ontzetting. Paniek. Alsof er een punker binnenkwam bij de Rotary, stof in een rekencentrum werd uitgewaaid, het Hand in Hand werd aangeheven op het Rembrandtplein. Beschroomd bekende Sjaak zijn misdaad. Donateurschappen van Greenpeace, Amnesty International, Rover, De Fietsersbond en vele stemmen op partijen ter linkerzijde van de PvdA waren geen bruikbare instrumenten á décharge in dit klimaat. De roommate klom in de rol van prosecuter. Mijn studiegenote distantieerde zich van mij. Een wat oudere studente, waar ik al flink mee had zitten discussiëren én mee had kunnen lachen, diende zich aan als advocaat. Met een "How can he know, he's from Holland', werd mijn ontoerekeningsvatbaarheid onderbouwd. Morrend aanvaarde de massa dit steekhoudende argument ter verklaring van mijn ernstige vergrijp. 

Een andere vrouw lichtte me verder in: Coors had een slechte naam omdat het mensen zomaar op straat zette, vakbonden buiten de deur hield, illegalen zwaar onderbetaalde en onder gevaarlijke omstandigheden liet werken. Kennelijk als enige in het verder zeer sociale ondernemersklimaat van de Amerikaanse brouwers, al was het enige bier dat er stond afkomstig uit Mexico. Inderdaad net als bij ons destijds: Shell was echt de enige die systematisch mensen uitbuitte. Bira Max Havelaar was daar toen waarschijnlijk gelukkig al uitgevonden, dus we konden met een gerust hart aan het bier. Sinds deze gebeurtenis staat de uitspraak 'Who brought Coors' voor onwerkbaar fanatisme en doorgeschoten politieke correctheid. Ik kom het hier nog af en toe tegen bij types als Agnes Kant, vastgeroeste vakbondsleden of uit verhalen over sommige leden van de boeken- en wandelclubs van de VdH, maar zo bont als toen maak ik zelden meer mee.

Rocky Mountains in de Vuelta a Francia


We zijn al over de helft maar de Tour de France 2006 lijkt dan toch nu echt begonnen. De mannen van het klassement kwamen nu naar voren in een serieuze etappe. Hoe indrukwekkend de Rabo's ook waren, en waar Boogerdje zich wel erg dienstbaar opstelde (wat als hij gewoon was blijven meerijden in de groep?); Sjaak zat gisteren gewoon naar de Vuelta te kijken. Niet alleen vanweg de aankomst op het Plateau de Berret,in de Catalaanse Pyreneeën, maar ook door de entourage. Weinig publiek aan de kant, kaal landschap, hitte, leegte om de wegen heen en vooral de kopmannen: Menchov, Leipheimer en Landis in de Top 3. Zo'n uitslag verwacht je in de Giro of Vuelta. Goede renners, mooie koers, prachtig parcours, maar wel de tweede garnituur. Het is even wennen aan het gemis van de toppers van weleer, maar dat zet zichzelf misschien de komende week nog wel recht. Maar dan moet Landis eens echt zijn best gaan doen en niet voortdurend kijken of anderen niet te veel van hem zouden kunnen profiteren.

Wat ook opviel was dat gisteren de Rus van twee Amerikanen won. Dat zou 10 jaar geleden nog ondenkbaar zijn geweest, je had Ekimov en verder niet zoveel. En 20 jaar geleden zou dat een zware politieke lading hebben gekregen, zoals destijds de Rocky-films. Rocky in the mountains dus. Nu hoor je niemand er meer over. Tijden veranderen en hopelijk is het podium over 10 jaar gevuld met een Israeliër, een Libanees en een Palestijn.