vrijdag, oktober 16, 2009

Drie sterren voor de Muur on Tour


Na de aankondiging van Bert Wagendorp op Twitter wist ik niet hoe snel ik moest reserveren voor de Muur on Tour. Ik was nog op tijd en getuige het feit dat er na 'onze' voorstelling er nog één werd verzorgd was de animo dus groot. Afgelopen zondag hadden de VdH en Sjaak de plaats van handeling, het knusse doch kneuterige theatertje Walhalla op Katendrecht in Rotterdam, al verkend. De vertolking van Brel, door iemand wiens naam ik al weer ben vergeten, wat hemeltergend genoeg om in de pauze de jassen te pakken en weer huiswaarts te gaan.

Dat vroegtijdige vertrek compenseerde ik gisteren door extreem vroeg aan te komen. Geheel in de traditie van mijn familie, die in deze wonderlijke wereldstad zijn wortels heeft. En volgens principes van Zen, genoot ik ook van de reis: de bouwput bij Rotterdam Centraal, het nieuwe metrostation dat nog niet af is, maar wel qua uitstraling kan concurreren met pakweg een stad als Madrid en de verschillende vergezichten vanaf Zuid op de skyline. Dertig jaar geleden hing Zuid er maar een beetje bij. Ahoy had je, Slinge was een eindpunt van metro's die niet het lef hadden door te rijden naar Hoogvliet en verder, we zongen met mijn vader's koor wel eens in de Larenkamp en je had de Kuip natuurlijk. Maar díe oversteeg toen al het imago van Zuid. Voetballen deden we ook nooit daar, pas toen ik als 17-jarige een jaartje in zaal voetbalde, kwam ik een keer op Zuid. En op Katendrecht kwam je al helemaal niet: hoeren, drugs en rock&roll (al wist een 13-jarige daar nog er weinig van)

Terzake: aangezien al mijn potentiële gezelschap (VdH, collegacoach Hugo, fietsvriend Willem) was verhinderd ging ik in mijn uppie. Na lang wachten voor de deur, zaten we dan eindelijk binnen. De 'crew' was groot en duidelijk werd dat men het niet voor het geld hier zat. Liefhebbers onder elkaar. Wilfried de Jong opende met zijn verhaal over de Ronde van Vlaanderen. 'De gedachte om me achter de batterij van de waardin van de kroeg te vleien, is aantrekkelijk' had ik wel gelezen in zijn bundel, maar heeft uit zijn mond meer kracht. Bij Wilfried de Jong denk ik altijd aan '176' het aantal keren hooghouden van de bal dat jarenlang als 'kamprecord' stond van onze voetbalclub SVDP.

Het interview van Mart Smeets met Michael Boogerd over de Tour van vorig jaar was aardig; je ziet dat Mart presenteren en interviewen kan en Michael een liefhebber. Die combinatie staat. Het liedje van Peter Ouwerkerk over wielernamen ('Belli, Elli, Lelli') was erg grappig en de mannen van Ocobar begeleidden hem liefdevol, want zingen kan hij totaal niet.

Ronald Giphart spreek ik af en toe op de voetbalclub waar onze zonen spelen. Ronald is ook Feyenoorder, maar maakt net zo makkelijk het uitstapje naar de fiets. Zijn wat nerveuze presentatie deed voor mij wat af aan het verhaal dat goed in elkaar stak en hij kreeg het meest van iedereen de lachers in het publiek op zijn hand.

In het petje op, petje af, lag ik er meteen uit. Abdu won de etappe in Armentières waar oa Jalabert viel en zijn kaak brak en niet Moncassin. Die plaats werd niet gevraagd helaas en eigenlijk wist ik het antwoord wel. De meeste andere vragen wist ik wel en in de slotvraag had ik kunnen scoren, want Eddy Merckx won 35 etappes in de Tour. De stapel boeken van Bert Wagendorp gingen aan mij voorbij. Sjaak en echte quizen zijn geen gelukkige combinatie; ooit ging ik op TV in 'Denktank' volledig voor gaas.

De liedjes van Alex Roeka zaten goed in elkaar maar ik ben toch meer een man voor de voordrachten. Die van John Schoorl, die op een trapje zowat naast me stond, waren origineel, vooral het verhaal van de bril van Jan Janssen. Maar de nestor van het gezelschap, Mart Smeets, verzorgde voor mij toch de fraaiste bijdrage. Die ochtend had hij een verhaal over VdB geschreven, de Belgische voormalige wielerheld Frank Vandenbroucke, die een dag ervoor in een hotel in Senegal was overleden. Het was een lang verhaal, maar hij hield mijn aandacht vast, hetgeen al die pastores in al die kerkdiensten waar ik als kind kwam nooit lukte. Mart werd gisteren nooit een dominee, maar een vakman die een genuanceerd beeld neerzette over een tragisch persoon. Zelf tweette ik: 'de dood van VdH: hoe een land dat hunkert naar een nieuwe Merkcx iemand de dood injaagt'. Want als je iemand als God neerzet, moet diegene wel betonnen voeten hebben om overeind te blijven. Smeets's verhaal had dezelfde strekking en hij gaf de Fransen die de dood van de VdH ('een pluisje op Marianne's kleed') gebruikten om hun dopingjacht kracht bij te zetten, nog eens een hun vet.

De Poolse Blues van Wilfried de Jong, met de mannen van Ocobar (die bassist doet me toch echt denken aan de ex van de VdH) was een passende, feestelijke uitsmijter. Er waren geen toegiften, het gezelschap moest een kwartier later al weer aan de bak. Ik had nog wel uren kunnen blijven, maar vloog desondanks naar huis. Wel nog even Bert Wagendorp een hand gegeven. Zelf trad hij niet op, maar hij lijkt me vast de motor achter dit soort events en van Bert genieten we meerdere malen in de week in de Volkskrant en regelmatig op Twitter.

Een geslaagde avond dus. Drie sterren. De Reis Waard