
Het Requiem van Mozart is een fraai werk. Zo fraai dat het door Bach geschreven had kunnen zijn. Vreemd was het dan ook niet dat het Holland Bach Orchestra van Pieter-Jan Leusink dit werk uitvoert. Elsje had via haar werk de mogelijkheid gekregen om voordelig(e) kaarten hiervoor te krijgen. De uitvoering in onze eigen Domstad zat al vol; in Den Haag was voor vandaag nog plek. Sjaak vond het prima; de komende weken knallen de Bachpassies uit alle geluidsdrager die ons NSG rijk is. Kortom: op de laatste dag van de krokusvakantie een plezierreisje naar Den Haag. Grappig, want Elsje en Sjaak reizen minimaal tweemaal per week voor hun werk naar Den Haag, maar nooit samen. Nu dus wel.
Elsje had me al gewaarschuwd: het is behoorlijk commercieel hoor. Allemaal aanbiedingen van CD's enzo. Daar kon ik me geen voorstelling van maken. De Grote Kerk in Den Haag, een Requiem, klassieke muziek? Maar goed, ik had het in mijn achterhoofd. We kwamen aan de late kant en er stond een lange rij voor de ingang. Eenmaal binnen konden we nog een plekje aan de zijkant vinden. De reclamefolder lag inderdaad op alle stoeltjes. Een slecht begin. Zeker toen bleek dat er geen programma in het aangeschafte tekstboek stond. Al om me heen kijkend zag ik veel Haagsche kak zitten. Met onze om en nabij de 40 jaar waren we qua leeftijd bij het jongere smaldeel van het publiek. Veel gezien worden was het devies.
We begonnen met een vioolconcert. Niet echt het favoriete genre van Sjaak. De solist, een meer dan ingeburgerde Oekraïner, zat er een paar keer flink naast. De dirigent maakte er als zwaaiend en swingend een hele show van en zorgde dat hij soms rechtstreeks het publiek inkeek. Beetje André Rieux en Jan Vayn gevoel. We keken elkaar glimlachend aan. Elsje weet mijn dubbele Mozart-gevoelens haarfijn te plaatsen. Tadidadidadieda, padadapapapa, dat werk. De riedeltjes zijn vaste elementen. Natuurlijk hoor ik ook wel dat het telkens weer net fff anders en spannender is, maar ik koester graag mijn scepcis. Gelukkig waren de de twee andere delen van het vioolconcert beter te doen en de Kröningsmesse daarna bracht ons in de juiste grafstemming voor het hoofdwerk van de dag.
De eerste tien maten was ik met stomheid geslagen. Alle scepsis verdween: zo had ik het Requiem nog nooit gehoord en dit was fraai. Maar daarna was de betovering weer ras verdwenen. Pieter-Jan geselde muzikanten en publiek met een moordend tempo en vertraagde op momenten waar ik dacht dat juist wat snelheid geboden was. We waren het dus niet eens en de uitstekende solisten en orkest ten spijt: echt jammer dat het afgelopen was vond ik het niet. We kreeg nog een toegift: een nog meer afgeraffeld deel van het Dies Irae. Toen zakte mijn broek eigenlijk wel een beetje af. Dit leek in niets meer op een geïnspireerde uitvoering van een prachtig muziekwerk. De zoveelste uitvoering in een lange serie. Hoge kwaliteit, dat wel, maar echte bezieling is ver te zoeken. En ik was bijna geneigd op zoek te gaan naar merchandising van deze serie.
Dat bleek helemaal toen in het al weggelegde foldertje erbij pakte. Pieter Jan gaat de komende weken maar liefst 22! keer de Matthäus Passion uitvoeren. 22 dagen achtereen. Voor 40 euro de kaart. Doe fff normaal man. Dat kan je niet geïnspireerd doen; het is geen standaardwerkje. Deze man houdt 160 dagen in het jaar een concert. Doet het Urker Mannenkoor en maakt Muzikale Elfstedentochten. En geeft zegeltjes voor elk concert dat je bijwoont. Het is wachten op de muzikantenplaatjes die je in pakjes van 5 krijgt bij besteding van 10 euro. Miljoenen zal het allemaal niet opleveren, maar zijn zakken vult hij wel.
Nee dan de bezieling van mijn collega Jan (niet Coef!) die als goedgeschoolde amateur als violist meespeelde in het projectorkest van de 20e eeuw en daar -technisch minder begaafd, maar vele malen geïnspireerder- oa het Concert voor Orkest van Bela Bartok uitvoerde. Voor een handjevol mensen (60, misschien 70 aanwezigen) mensen. Er moet dik geld bij en waarschijnlijk is het hun laatste concert geweest. Jammer.