Het effect van wéér niet

Een topprestatie komt volgens mij vooral tot stand als het mentaal goed zit. Trainen heb je volop gedaan, de techniek heb je al geleerd. In de top zijn de marges gering. Of je nou hockeyer, schaatser, judoka of voetballer bent; de sleutel tot succes ligt vooral in je hoofd. Nog los van externe factoren, zoals verkeerde wisselinstructies, veranderend weer of arbitrale dwalingen. Dat geldt niet alleen bij de sport; de zangpedagoog hamert er bij zijn/haar pupil op vooral 'ontspannen' te blijven.
Het verlies in de finale gisteren is volgens mij vooral een mentaal verlies. Waar we allemaal, mijzelf niet uitgezonderd, ons steentje aan hebben bijgedragen. Nederland móest gisteren winnen, na de finales van 1974 en 1978 verloren te hebben. Nooit straalde het uit dat het de finale wílde winnen. Met een derde finaleverlies als self fulfilling prophecy. De angst voor een doelpunt tegen was groter dan de intrinsieke drang om er zélf één te maken. Waar Duitsland en Uruguay daar de dag ervoor juist wel uit spelvreugde en overtuiging handelden en een leuke 3-2 speelden (had ook 5-4 kunnen zijn). Het was wachten op een ingeving van Robben en verder nam niemand aanvallend initiatief. Dat is geen kritiek op de coach; met deze instelling had de winst zomaar kunnen vallen. Evenmin heeft het te maken met verdedigend spel of over 4-2-3-1 of zo. Het gaat om de overtuiging waarmee je speelt; het vertrouwen dat je uitstraalt en de vreugde die het je brengt. Spanje overtuigde daarin ook niet echt, al was het wel de betere ploeg. En als ik mijn punt had kunnen doorvoeren waren we wellicht al twee weken thuis geweest.
Nederland ontregelde Spanje, op het eerste kwartier na. Daar was vaak grof spel voor nodig, al moet ik zeggen dat Spanje niet veel er voor onder deed en zij hun slachtofferrol handiger speelden. Kritiek op de scheidsrechter is niet aan de orde, hij deed wat hij moest doen en paste dat consequent door. Zo'n eerste gele kaart voor Heitinga is gewoon dom, ga gewoon voor de bal en doe niet stoer door een tegenstander nog een extra schop te geven. Als je geen corner krijgt, draai je je om en zet je je weer schrap met zijn tienen. Op dat soort momenten onderscheid de gemiddelde speler zich als topper.
Eerlijk gezegd ben ik blij dat het WK is afgelopen. Te lang, te veel aandacht, te veel hype. Waar ik overigens volledig in mee ging. De gelegenheid maakt de dief. En nu weer 32 jaar wachten op de volgende kans; dan kijken we samen SMS-te ik mijn zoon. Aldus bijdragende aan de nieuwe collectieve obsessie: wereldkampioen moeten worden. Maar misschien moet we het zijn allen eerst willen en niet vooral meer bang zijn dat we het niet worden. Ik weet niet hoe ik me gevoeld zou hebben als ze het wel hadden gehaald. Ik zou het verkrampt hebben gevierd. Blij met de handrem erop. Alsof het feestje nog verstoord zou kunnen worden.








