
We lopen er vrijwel dagelijks langs op weg naar school of ijszaak. De oude 'Chinees' in de Bollenhofsestraat is sinds een half jaar een restaurant geworden, luisterend naar de naam C'est Ça. Om het nieuwe jaar goed te beginnen zijn we er gisteren gaan eten. Met de komst van een traîteur, twee buurtrestaurants, een sjieke tent, een iets mindere sjieke tent, een top-ijszaak en nu deze gelegenheid zijn we in Wittevrouwen behoorlijk goed bedeeld qua catering. Dit restaurant heeft meer prententies dan Oost, maar minder dan Goesting; eigenlijk hetzelfde als het Griftpark. Kortom: het proberen waard.
De ontvangst was prima; vriendelijk-informeel, de formule uitleggend (5 gangen, vast menu en al je iets niet wilt of lust kan je het gerust zeggen) en de drankjes stonden vlot op tafel en het rookvrije karakter was een fors pluspunt. Daarna kwam het eten; rogvleugel als voorgerecht (niet bijzonder), paddenstoelensoep in een terrine opgediend (prima, maar je mag dan best aanbieden om de borden te vullen) en lamsnek (aan de zoute kant, maar wel smakelijk). Tot dan toe was het best goed allemaal. Maar toen verslapte de boel. De twee stellen naast ons waren kennelijk belangrijker en de krappe ruimte tussen de tafels werd vaak gevuld door de bediening die gezellig een praatje maakte. Ik zat tegen de kont aan te kijken van de ober die de gasten 'bubbels' aansmeerde. Dat was dezelfde prosecco die we een uur eerder zelf achter de kiezen hadden geschoven. Elsje gruwt van dit soort taalgebruik en Sjaak had het nu wel een sterk gebaar gevonden als dit niet op de rekening was gekomen, maar van 'het huis' als start van het nieuwe jaar. We waren kennelijk ook niet meer in beeld of een glaasje wijn wilden (moesten we zelf om vragen) en de port bij de kaas werd wat obligaat aangeprezen. Die kazen waren nu niet echt heel bijzonder net als het toetje (calvadosparfait, maar het had net zo goed sinaasappel- of perzikparfait kunnen zijn). Kortom: snel weg en toch wel 100 euri armer. De bediening nam ook niet eens de moeite om gedag te zeggen toe we vertrokken; kennelijk waren ze ons ook zat. Dat gaf ons dus niet de kans om een en ander rechtstreeks terug te geven aan de mensen daar.
Terug naar huis verzuchtte de VdH: zijn we nu snobs aan het worden. Sjaak vind het terechte zelfreflectie. Toch denk ik dat we beter kwaliteit zijn gaan herkennen. Dat zit niet zozeer in de topcuisine met Michelinallure, maar in enthousiasme, oprechte gastvrijheid en vakmanschap. Dat mag dan best zijn prijs hebben en die zijn we ook bereid om af en toe eens te betalen. Goed eten kan namelijk erg genieten zijn. Dit was nu net niks en een gemiste kans voor de nieuwkomer. Hopelijk wordt deze recensie, die in iets aangepaste vorm op Iens komt, opgepikt en maakt het restaurantje die stap die ze moet zetten.